Berichten

Hoe je ‘nee’ tegen je baas als ‘ja’ doet klinken

Weet jouw baas je steevast te vinden wanneer er extra werk verzet moet worden? En denk je vaak: ik heb hier geen tijd voor? Dankzij deze 3 tips kan je een ‘nee’ tegen je baas als een ‘ja’ doen klinken.

Mail
“Nee zeggen tegen je baas is niet altijd even makkelijk. Als je rekening houdt met de persoonlijke leiderschapsstijl van je chef, wordt het al een stuk eenvoudiger. Wie zijn baas goed begrijpt, zal beter weten hoe hij hem of haar kan benaderen”, beweert het gespecialiseerde rekruteringsbedrijf Robert Half Belux.

Je kan wel degelijk een manier vinden om nee te zeggen tegen je baas op zo’n manier dat je baas een ja hoort.

Zónder je baas te schofferen minder overuren en efficiënter werken

Dankzij deze drie richtvragen.

1. Heb ik hier écht tijd voor?

‘Kan ik dit erbij nemen of niet?’, is een vraag die je je zeker moet stellen wanneer je baas een nieuwe taak op je bureau dropt. Het antwoord kom je alleen te weten door een lijstje te maken van alle taken die je nog moet afwerken en daar een tijdsschema aan te verbinden. Vink ook aan welke taken prioritair zijn. Heb je in je planning nog tijd over? Prima, dan kun je met een gerust hart ja zeggen tegen je baas. Zit je weekplanning al bomvol? Vraag dan aan je baas om even samen te zitten en je takenlijst te overlopen. Zo leg je de bal in zijn of haar kamp: mag je andere taken even opzijschuiven om die nieuwe opdracht af te werken of niet? Het is belangrijk dat je duidelijk aangeeft aan je baas wat haalbaar is en wat niet.

2. Komt deze opdracht mijn carrière ten goede en past ze binnen mijn functieomschrijving?

“Met een gezonde dosis carrièreplanning is niets mis. Je mag je dus zeker afvragen of de opdracht die je baas je in de schoot werpt je carrière zal vooruithelpen en binnen je functieomschrijving past”, geeft het rekruteringsbedrijf Robert Half Belux als advies.

Gaat het om een taak die niet in je jobomschrijving staat?

Dan zijn er twee mogelijke scenario’s:

Het is een routinetaak die nu eenmaal afgewerkt moet worden (administratie, gegevensinvoer, correspondentie, telefoontjes, …) en geen specifieke vakkennis vraagt.
Het is een uitdagende opdracht waarvoor je nét iets verder uit je comfortzone moet treden dan gewoonlijk, maar die wel binnen je interessesfeer en capaciteiten ligt.
“De keuze ligt voor de hand. Neem zeker de taken ter harte waar je warm voor loopt, en weiger beleefd om tot een manusje-van-alles te worden gebombardeerd. Makkelijker gezegd dan gedaan, maar toch het proberen waard. Al is enige flexibiliteit op tijd en stond wel raadzaam.”

3. Ben ik het eens met de voorgestelde strategie?

Soms heb je geen zin in een extra taak. Dan moet je je afvragen waaraan dat ligt. Klinkt de strategie die je baas voorstelt je niet bepaald als muziek in de oren, en heb je zelf heel andere ideeën over de aanpak van dit specifieke dossier? Dan is dat het op te lossen, want misschien beleef je wél plezier aan de taak wanneer je ze op je eigen manier mag afhandelen. Bespreek dit zeker met je baas. Tip: leg het wel tactvol en diplomatisch aan boord. Zo bereik je altijd meer.

“Ons devies? Koop tijd”, aldus rekruteringsbedrijf Robert Half Belux. “Eerst tijd kopen, en dan nee zeggen. Vraag je baas om bedenktijd, en gebruik die tijd om een alternatieve strategie uit te werken. Die stel je vervolgens voor aan je baas, nog voordat je in het nieuwe project hebt toegestemd. “Mag ik eerst even een voorstel doen?” Weinig bazen zullen op deze vraag ‘neen’ antwoorden – tenzij ze wel héél zeker zijn van hun stuk of er tijdsdruk mee gemoeid is. Krijg je een ‘go’, wees dan overtuigend en enthousiast wanneer je jouw aanpak uitlegt. De kans is reëel dat je daarna een tweede ‘go’ krijgt, namelijk om het project op jouw eigen manier uit te werken. Resultaat: iedereen tevreden.”

Conclusie: het is dus heel belangrijk om je beslissing of bezwaren te motiveren. Anders kan je baas wel eens ‘nee’ tegen jou zeggen.

Bron: Jobat.be

Ervaren werknemers willen graag carrièreswitch

Maar liefst 50 procent van de Nederlanders zou nu iets totaal anders kiezen, als zij hun carrière over konden doen. Dit terwijl de meeste werknemers zich wel gewaardeerd voelen door hun werkgever en hun baan gemiddeld een 7,2 geven. Dat blijkt uit Het Nationale Werkonderzoek  2011 van JobTrack.nl onder 28.153 respondenten.

Het onderzoek van JobTrack.nl, uitgevoerd door Intelligence Group, laat zien dat vooral werknemers met vijf tot tien jaar werkervaring iets totaal anders op werkgebied zouden willen doen. Bij vmbo’ers en mbo’ers komt dit veel vaker voor dan bij WO-opgeleiden. Marco de Weerd van JobTrack.nl: “Enorm veel werknemers zijn niet tevreden met hun werk en zouden eigenlijk liever iets anders willen doen. Veel van hen zien geen mogelijkheden om hun carrière een andere richting te geven. De werknemer zou vaker, bijvoorbeeld eens in de vijf jaar, bewust de balans moet opmaken of hij tevreden is met de huidige loopbaan.”

Waardering
Ruim de helft van de Nederlanders voelt zich gewaardeerd door zijn werkgever. Het gevoel van waardering neemt echter af met het aantal jaren werkervaring. Zo voelt 60 procent van de respondenten met minder dan één jaar werkervaring zich gewaardeerd door de werkgever, tegenover 48 procent van de groep met vijf tot tien jaar werkervaring. In Het Nationale Werkonderzoek van vorig jaar gaven Nederlanders hun baan gemiddeld nog een 7,1 en voelde 53 procent zich gewaardeerd door de werkgever. Dat betekent dat de economische ontwikkelingen en de moeilijke situatie op de arbeidsmarkt het afgelopen jaar hier nauwelijks invloed op hebben gehad.

Bron: loopbaan-visie.nl

Coaching, speciaal voor vrouwen!

Vrouwelijke mentor belangrijk voor doorbreken glazen plafond

Een vrouwelijke mentor kan een belangrijke bijdrage leveren tot het doorbreken van het glazen plafond waarmee nog steeds veel carrièrevrouwen worden geconfronteerd. Dat is de conclusie van een onderzoek van het professionele sociale netwerk LinkedIn bij duizend carrièrevrouwen in de Verenigde Staten. Daarbij gaf 82 procent van de respondenten aan dat het belangrijk is om op een mentor te kunnen terugvallen. Toch bleek 19 procent nog nooit een mentor gehad te hebben. Dat is voor 52 procent te wijten aan het feit dat ze nog nooit een geschikte mentor-figuur hebben ontmoet.

Ook zegt 67 procent van de vrouwen zelf geen mentor te zijn omdat ze daarvoor nog nooit door iemand zijn gevraagd. “Nochtans is het vaak interessant om een sponsor of een mentor te vinden die voor de promotie van jouw professionele belangen inzet,” merken de onderzoekers op. “Dat geldt vooral voor vrouwelijke babyboomers – tussen vijfenveertig en vijfenzestig jaar – die dankzij de hulp van een mentor de mogelijkheid zouden kunnen krijgen om aan een tweede carrière te beginnen. Nochtans blijft slechts 34 procent van de vrouwelijke babyboomers een mentor te hebben gehad.”

Volgens LinkedIn is daarvoor echter wel een logische verklaring te vinden. “Babyboomers hebben niet veel vrouwen die binnen het bedrijf hoger in de hiërarchie staan,” wordt er opgemerkt. Daarentegen blijkt 43 procent van de vrouwen uit Generation X – tussen dertig en vierenveertig jaar – wel een vrouwelijke mentor gehad te hebben. Bij vrouwen uit Generation Y – tussen achttien en negenentwintig jaar – loopt dat zelfs op tot 51 procent. Opgemerkt wordt dat een vrouwelijke mentor vooral cruciaal is in sectoren die nog altijd door een mannelijke dominantie worden gekenmerkt.

Bron: loopbaan-visie.nl

Man heeft vaker spijt over gemiste carrièrekansen

Mannen hebben vaker spijt over gemiste carrièrekansen dan vrouwen. Dat is de conclusie van een Amerikaans onderzoek van wetenschappers aan de University of Illinois en de Northwestern University. Op de eerste plaats blijken de respondenten echter vooral spijt te hebben over relaties, gevolgd door gemiste kansen op educatief en professioneel vlak. De onderzoekers merken op dat mensen vooral spijt hebben over onderwerpen die hen het meest aan het hart liggen.

“Mensen streven naar sterke, stabiele relaties en voelen zich ongelukkig wanneer dat niet blijkt te lukken,” merken de onderzoekers Mike Morrison en Neal Roese op in het webmagazine ScienceDaily.com. “Spijt draait bij vele mensen dan ook vooral rond relaties.” Het gaat volgens de onderzoekers oorspronkelijk vaker om dingen die men verkeerd heeft gedaan dan om kansen die men heeft gemist. Maar op langere termijn begint men vooral spijt te hebben over opportuniteiten die niet werden gegrepen.

Uit het onderzoek blijkt dat vrouwen vooral spijt hebben over relaties, terwijl mannen vooral verwijzen naar onderwijs en carrière. “Een massaal gevoel van spijt kan het leven minder aangenaam maken en de mentale gezondheid bedreigen, maar een gezonde hoeveelheid kan een motivatie betekenen om een beter leven proberen te leiden,” merken Mike Morrison en Neal Roese op. “Spijt kan pijnlijk zijn, maar het kan ook een nuttig gegeven zijn. Sommige mensen zeggen te proberen om zonder spijt te leven, maar daarmee wordt ingegaan tegen de menselijke natuur.”

“Wanneer spijt wordt weggeduwd, wordt ook een gedeelte van onze menselijkheid opgeofferd,” aldus nog Morrison en Roese.

Bron: loopbaan-visie.nl

Tips om zelfverzekerd een gesprek in te gaan

In je brief, offerte of voorstel weet je als zelfstandige doorgaans goed uit te leggen waarom een gesprek met jou waardevol is. Maar een persoonlijk gesprek, dat is andere koek. Zo’n gesprek is belangrijk, maar van de gedachte alleen al kunnen velen de zenuwen krijgen.
Als je al zenuwachtig wordt van de gedachte aan zo’n gesprek, gaat er vooraf van alles door je hoofd: Wat gaan ze vragen? En misschien weet ik niet wat ik moet antwoorden? En wat als het zo’n afstandelijk persoon is? Hoeveel andere gesprekken zullen ze nog hebben na mij? En dan ontdek je ook nog eens een grote vlek op je overhemd of blouse.
Als er veel afhangt van deze opdracht ligt er veel druk op dat ene gesprek. Je móét het goed doen. Gevolg is dat je met een zeer onzeker gevoel het gesprek ingaat. Hoe goed je in zo’n geval ook je best doet kalm te blijven, je lichaam verraadt hoe jij je voelt.

Probeer in zo’n geval deze voorbeelden van onzekere lichaamstaalstaal te vermijden:

  • Bevende handjes. Een signaal dat duidt op sterk doorleefde emoties, bijvoorbeeld ingehouden angst, opgekropte woede, frustratie of onmacht.
  • Je lichaam wegdraaien of veel bewegen. Allebei zijn manieren om direct contact met je gesprekspartner te vermijden.
  • Een pen of vingers in je mond. Als iemand zich gestrest voelt, kan het helpen om een voorwerp in de mond te nemen. Het geeft een gevoel van veiligheid.
  • Spelen met je haar. Het aanraken van je haar kan betekenen dat je je ongemakkelijk voelt of jezelf geen houding weet te geven.
  • Naar beneden kijken. Wanneer iemand zich ongemakkelijk voelt, zal hij meteen naar beneden kijken en zijn ogen neerslaan.
Iedereen is wel eens onzeker, maar niet bij iedereen is dit te zien. Er zijn mensen die hun lichaamstaal ‘onder controle’ hebben en het inzetten als een versterkend instrument.
Uit onderzoek is gebleken dat alleen al het aannemen of naspelen van een zelfverzekerde lichaamshouding je zelfvertrouwen laat groeien.
Dit zijn vijf zelfverzekerde lichaamstaalsignalen die je zelfvertrouwen laten uitstralen.
  • Glimlach. Als je naar iemand glimlacht, dan zal deze persoon vaak ook teruglachen, wat een positief gevoel bij jullie allebei opwekt.
  • Een rechte rug. Iemand die zijn rug recht maakt, strekt zijn lichaam uit zodat zijn gestalte twee of drie centimeter groter wordt.
  • Ontspannen schouders. Doe je schouders naar achteren en je borst vooruit. Hiermee straal je kracht en zekerheid uit.
  • Maak oogcontact. Goed oogcontact houdt in dat je iemand ongeveer 70 procent van de tijd in de ogen aankijkt.
  • Praat met rustige bewegingen. Grote, rustige bewegingen benadrukken iemands zelfverzekerdheid.
Laat je lichaamstaal spreken en zorg dat je je bewust bent van je eigen lichaamstaal. Oefen vooraf je gesprek. Ga voor de spiegel staan als je een denkbeeldige vraag beantwoord. Of laat jezelf bijvoorbeeld eens filmen en kijk het filmpje terug. Zoek uit welke lichaamstaal je laat zien en of dat klopt bij het verhaal dat je vertelt.
Bron: zzpservicedesk.nl

Headhunters!

Werving- en selectiebureaus

Bedrijven en organisaties besteden soms een deel van het wervingsproces uit aan werving- en selectiebureaus, ook wel headhunters of recruiters geheten. Wat heb je als banenzoeker aan die bureaus?

Werving- en selectiebureaus hebben meestal een chique uitstraling. Ze werken vaak in opdracht van werkgevers. Ze doen alle moeite voor werkgevers de juiste persoon voor bepaalde functies te vinden. Daar worden ze ruim voor betaald, vandaar de chique uitstraling.

Wanneer maak je er gebruik van?

In de zoektocht naar een baan besluiten veel werkzoekenden zich bij een of meer werving- en selectiebureaus in te schrijven. Dat heeft niet altijd zin. Waarom niet? Werving- en selectiebureaus:

  • werven meestal alleen voor hoge(re) functies
  • gaan alleen in gesprek met mensen die heel specifiek aan de vereiste criteria voldoen. Heb je een wat buitenissig cv, dan val je snel buiten de boot
  • worden doorgaans alleen benaderd door grotere, duurdere bedrijven. Dat betekent dat een heel groot segment aan bedrijven er nooit vacatures plaatst.

Wanneer heeft het wel zin om je bij een werving- en selectiebureau in te schrijven?

  • Als je een hoge(re) functie ambieert, met name een managementfunctie.
  • Als je een duidelijk cv hebt, met een duidelijk omlijnd carrièrepad en een duidelijk profiel.
  • Als je graag in een groot, gerenommeerd bedrijf wil werken.

Heb je bijvoorbeeld een veelgevraagd beroep als accountant, communicatiemanager, accountmanager of bedrijfsjurist, kijk dan eens of er passende vacatures voor je zijn bij werving- en selectiebureaus.
Overigens zijn er ook wel bureaus die het midden houden tussen een werving- en selectiebureau en een uitzendbureau. Die zijn wat laagdrempeliger en fungeren soms tegelijk als gespecialiseerde vacaturebank.

Solliciteren via een werving- en selectiebureau

1. Een bureau selecteren

Heeft het voor jou zin om je in te schrijven bij werving- en selectiebureaus, zoek dan naar een of twee bureaus die gespecialiseerd zijn in jouw vakgebied, of neem een groot bureau. Op die manier is de kans het grootst dat ze vroeg of laat een passende functie voor je hebben.

2. Inschrijven

De meeste bureaus zullen je inschrijving en cv beoordelen en dan beslissen of ze je opnemen in hun kandidatenbestand. Sommige bureaus voeren ook een kennismakingsgesprek, zodat ze nog een vollediger beeld van je krijgen.

3. Solliciteren

Het werving- en selectiebureau zal je benaderen als er een passende vacature voor je langskomt. Dit is een van de voordelen van werving- en selectiebureaus: je wordt benaderd voor functies die mogelijk niet via een ander kanaal gepubliceerd worden.
Overigens zijn er ook bureaus die adverteren in kranten en op internet. Als er een vacature van je gading bij zit, stuur je je sollicitatie naar het werving- en selectiebureau. Je sollicitatiebrief hoeft niet anders te zijn dan wanneer je rechtstreeks bij een bedrijf zou solliciteren. Zorg wel voor een uiterst heldere cv, met duidelijke, algemeen gangbare functieomschrijvingen.

Let op: veel werving- en selectiebureaus maken de naam van de werkgever niet bekend. Ze publiceren een  vacature voor ‘senior projectmanager IT bij een grote ICT-dienstverlener in het midden van het land’, zonder te vermelden om welk bedrijf het gaat. Doe je best om er zo snel mogelijk achter te komen wie de werkgever is, want die kennis maakt dat je veel gedegener kunt solliciteren.

4. Sollitatiegesprek

Als je wordt uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek, dan voer je dit eerste gesprek met iemand van het werving- en selectiebureau. De mensen die daar werken (de recruiters) zijn professionele selecteurs, en dat kan het gesprek boeiend, en soms ook lastig maken. Bereid je dus goed voor. Zo krijg je feedback waar je in latere gesprekken je voordeel mee kunt doen. Je kunt zo’n gesprek ook goed als oefening gebruiken.

5. Voordracht

Een voordeel van werving- en selectiebureaus is dat als je eenmaal wordt voorgedragen aan een werkgever, je vaak nog maar weinig concurrentie hebt. Meestal draagt een bureau ongeveer vier kandidaten aan de werkgever voor.

Dit voordeel is meteen ook een nadeel: het werving- en selectiebureau kan je afwijzen, terwijl je misschien met een directe sollicitatie bij de werkgever wel degelijk een kans had gemaakt, omdat je bijvoorbeeld goed past bij de organisatiecultuur en de werkgever een kleine lacune in je cv best op de koop toe wil nemen. Het werving- en selectiebureau heeft je op grond van die lacune allang laten vallen als mogelijk geschikte kandidaat.

Word je wel voorgedragen, dan volgt een gesprek bij de werkgever. Het proces gaat dan verder als bij een ‘gewone’ sollicitatie direct bij een werkgever.

Het werving- en selectiebureau als deel van je netwerk

Hoe meer mensen er weten dat je een baan zoek, hoe beter het is, en hoe groter je netwerk is, hoe meer kans je hebt om een baan te vinden. Het kan helpen om werving- en selectiebureaus ook te beschouwen als deel van je netwerk. Sommige bureaus voeren met iedereen die zich inschrijft een gesprek, en dat gesprek kan goed dienen als ‘netwerkgesprek’. Ook al is er niet direct een passende vacature voor je, dan kun je toch jezelf zo over het voetlicht brengen dat je blijft ‘hangen’.

Helemaal goed is als je meteen ook netwerkt voor een ander. Misschien komt er wel op enig moment een vacature ter sprake waarvoor jij iemand weet die je geschikt vindt. Laat het de recruiter weten, want net als werkgevers vinden recruiters ook liever mensen via hun netwerk. Goedkoper en met meer garanties.

Recruiters gaan ook zelf via hun eigen netwerken op zoek naar geschikte kandidaten. In dat geval heet het ‘headhunten‘. Zo’n headhunter gaat via goede mensen in zijn of haar netwerk op zoek naar andere goede mensen. Hier zie je het belang van het hebben van een uitgebreid netwerk. Veel wervingsbureaus zijn dan ook actief op netwerksites als Open BC, LinkedIn of Friendster om mensen met interessante profielen te kunnen benaderen.

Uitzendbureaus

Ook uitzendbureaus kun je beschouwen als een soort werving- en selectiebureaus. Alleen zijn ze veel laagdrempeliger. Veel mensen hebben het idee dat uitzendbureaus alleen heel tijdelijke banen in de aanbieding hebben. Dat klopt echter niet altijd. Er zijn steeds meer bedrijven die tijdelijk personeel voor een wat langere periode inhuren via een uitzendbureau, om eventueel daarna over te gaan tot het aanbieden van een vast contract. Informeer daarnaar bij een aantal uitzendbureaus in de buurt. Ga dan bij voorkeur naar bureaus die speciaal voor jouw sector werven.

Overigens kan het geen kwaad om via uitzendbureaus veel verschillende dingen te doen, steeds voor een korte periode. Op die manier krijg je ervaring op allerlei gebieden, doe je indrukken op van verschillende bedrijven, en niet in de laatste plaats bouw je je netwerk uit. Met een beetje geluk kun je ergens blijven, of komt er op termijn een baan vrij waarbij het bedrijf aan jou denkt!

Bron: carrieretijger.nl