De sfeer is niet goed, bedrijfscoaching in de praktijk

Een contact belt me op en vertelt me dat de sfeer in zijn bedrijf op dit moment behoorlijk te wensen overlaat. Werknemers zijn heel negatief over elkaar en het bedrijf en hij weet eigenlijk niet meer wat hij moet doen. Tijd voor extern advies. Zou ik hem daarbij willen helpen? Is dit iets wat ik vaker heb gedaan als bedrijfscoach? Heb ik ook voorbeelden van bedrijfscoaching? Hoe zouden we dit moeten aanpakken?

Aan de telefoon geef ik aan dat het een goed idee is om samen af te spreken en hier in detail verder over door te praten. Zo gezegd zo gedaan, we ontmoeten elkaar en mijn eerste vraag is eigenlijk: Hoe voel jij je nu binnen jouw eigen bedrijf? Doe je wat je leuk vindt? Heb je plezier in je werk? Ga je graag naar de zaak?

Mijn contact geeft aan dat dat een goed vraag is, die hij zichzelf eigenlijk niet heeft gesteld. Maar nu we het er toch zo over hebben, eigenlijk niet nee. Hij heeft geen plezier meer in zijn werk, voelt zich ook niet prettig op de zaak. Hij doet ook niet meer wat hij leuk vindt. Hij is advocaat en wil eigenlijk graag met clienten bezig zijn, en met zaken. In plaats daarvan moet hij zich continu bezig houden met het kantoor, de secretaresses en de werknemers die ook nog continu kritiek hebben.

Mijn volgende vraag gaat over de organisatie structuur van het kantoor. Wie is eigenlijk de leidinggevende van wie? Hoe verloopt de aansturing? Inmiddels zie ik al dat hij zich dit ook niet heeft gerealiseerd, die ontbreekt namelijk eigenlijk helemaal. Er is geen andere aansturing dan hijzelf en hij wil liever met clienten bezig zijn, dus is ook weinig op kantoor te vinden.

Bedrijfscoaching in de praktijk

We besluiten dat ik alle werknemers zal gaan interviewen om me een goed beeld van de organisatie te kunnen vormen en ook meningen en persoonlijkheden te peilen.

Dat verloopt niet zonder horten of stoten. Werknemers komen te laat op een afspraak, zonder te bellen. Melden zich op het laatste moment ziek, gooien schema’s om, maar ik laat me niet afleiden en werk onverstoorbaar verder. Werknemers geef ik twee belangrijke vragen mee om over na te denken. Een: wil je eigenlijk wel voor deze leidinggevende en eigenaar werken en Twee: wil je inhoudelijk wel het werk doen waarvoor je bent aangenomen. Ik zie dat bij verschillende werknemers beide antwoorden negatief zijn, maar dat ze dit niet bespreekbaar hebben gemaakt. In plaats daarvan uiten ze continu kritiek op anderen.

Nu deze vragen openlijk kunnen worden besproken, vinden collega’s elkaar weer. Sommige collega’s concluderen inderdaad dat ze liever niet in deze baan blijven. Een andere collega wil inderdaad niet voor deze eigenaar werken, een totale clash van persoonlijkheden. De organisatie structuur wordt onder de loop genomen, hoe kunnen we dit beter inrichten zodat hij voor een ieder ook duidelijk is wie zijn leidinggevende is en hem of haar inhoud kan geven in zijn werk. Maar het overgrote deel van de organisatie toont zich loyaal en gaat weer aan de slag met de inhoud van hun baan, waar het natuurlijk eigenlijk om moet gaan.

Na een jaar volg ik nog een keertje op met mijn contact. Ongelooflijk, wat een verschil. Inmiddels is er een Office manager aangesteld voor alle interne zaken en het ondersteunende personeel. De eigenaar concentreert zich tegenwoordig met name op zijn clienten en het werk dat hij leuk vindt. En hij heeft geleerd iets afstandelijker naar het kantoor te kijken en zich te realiseren dat het zijn bedrijf is en dat hij dus ook mag bepalen hoe het hij bedrijf wil runnen.